stsontage logo

Move

Cause purple just performs better

In theater- en decortechnische constructies worden verschillende aandrijvingen gebruikt voor hijs-, hef- en travelsystemen, zoals lieren, kettingtakels, lineaire aandrijvingen, frictiedrives en pinchdrives. STS heeft al deze technieken in huis en een ruime ervaring in het vervaardigen en toepassen hiervan. Bij de keuze van de meest geschikte aandrijving moet een afweging worden gemaakt op basis van toepassing, specificatie en prijs.

Lier versus takel
Lieren bieden technisch de voorkeur boven takels, als het systeem stil en snel moet zijn, zoals tijdens het changeren tijdens de voorstelling. Lieren uitgevoerd met meerdraadstrommels bieden prijstechnisch de voorkeur boven takels, wanneer er meerdere hijspunten nodig zijn voor dezelfde lastInstallatietechnisch biedt een kettingtakel de meest eenvoudige oplossing.

Steekaslieren
Steekaslieren zijn geschikt voor locaties waar geen grid is en waar geen pulleys worden gemonteerd. Nadeel is dat onderhoud hangend aan een plafond niet eenvoudig is. Andere nadelen zijn de grote steekafstand en, indien toegepast op een grid, nemen ze relatief veel plaats in. Een ander punt van attentie is dat de kabel zich verplaatst langs de trommel wanneer deze wordt op- of afgewikkeld. Hierdoor verplaatst de roede zich ook. Om dit te compenseren worden naast elkaar liggende trommels tegengesteld gewikkeld.

Pilewind
Pilewind lieren zijn prijstechnisch interessant, maar de lengte van naastliggende kabels is niet constant, waardoor er bij meer dan drie staalkabels op een rij een onevenredige belasting optreedt. Tevens is de slijtage van de staalkabels veel hoger.

Verticale lier
Verticaal geplaatste lieren nemen minder vloeroppervlakte in, maar vereisen een nogal kostbaar verseizingsmechanisme.

Verticale lier met smalle trommel
Verticale lieren met een kleine trommeldiameter kunnen met een kleinere steekafstand worden geplaatst, zijn goedkoper maar zijn tot drie keer langer. Je ziet dit type lier daarom vaak hangend aan een bint verticaal, wat ten koste gaat van de speelbreedte, hangend aan een bint horizontaal wat onderhoudstechnisch nadelen met zich meebrengt, of als self climbing in een truss wat ten koste gaat van de SWL.

Counterbalanced lieren
Dit type lieren is financieel gezien een gunstige keuze voor langlopende vaste producties, met name als er al een oude mechanische trekkenwand aanwezig is. Wanneer er echter getoured moet worden of wanneer de producties regelmatig wisselen, vraagt het werken met contragewichten veel installatietijd. In Nederland geldt de Arbo-wet en is deze vorm in de regel verboden.

Horizontale lier
Deze wordt ook wel standaard powerfly lier genoemd, als tegenhanger van de counterbalanced oplossing. Afhankelijk van de hijshoogte en het daaraan gerelateerde wikkelpakket op de trommel, moet hier worden gerekend met een minimale afstand van de trommel tot de eerste keerschijf, in verband met de maximale verseizingshoek. Dit vraagt om een relatief grote trommeldiameter. De lier wordt daardoor korter maar vereist een zwaardere tandwielkast en motor.

Overcapaciteit en/of tourable
Voor een open eind productie kan het systeem exact naar behoefte van de applicatie worden afgestemd. Voor een reisproductie dient het systeem ook robuust te zijn en eenvoudig te installeren. Een vaste installatie vraagt om flexibiliteit om aan alle wensen van  de bezoekende gezelschappen te kunnen voldoen. Het moet dus op een piekbelasting zijn berekend en heeft daardoor een overcapaciteit voor de meeste producties. Verder moet het systeem snel zijn zowel om te programmeren als om decorstukken in te hangen.

Frictie- en pinchdrives
Frictiedrives zijn eenvoudig van opbouw, prijstechnisch interessant en hebben een groot bereik vanwege het ontbreken van een mechanische harde koppeling. Nadeel is dat door de slip die hiermee gepaard gaat de herhalingsnauwkeurigheid niet groot is, wat veiligheidsrisico’s met zich mee brengt.

Lineaire aandrijvingen
Lineaire aandrijvingen kunnen samengebouwde aandrijvingen zijn met lieren, of frictiedrives, maar kunnen ook enkelvoudige systemen zijn.

Voor horizontale lineaire aandrijvingen wordt vaak een lier of, bij lagere snelheden, een tandriem of heugel gebruikt in combinatie met een rechtgeleiding.

Voor een hefinstallatie wordt voor hele grote krachten vaak een hydraulisch cilinder gebruikt, maar tegenwoordig ook steeds vaker in binnenopstellingen een duwketting of spiralift. Meest economisch blijft nog altijd de spindel, maar is installatietechnisch niet altijd mogelijk, bovendien is de snelheid beperkt.Lineaire motoren zijn nauwkeurig en snel, maar hebben een relatief kleine slag. Pneumatische cilinders worden vaak toegepast wanneer op eindafslag gewerkt kan worden, de slag klein is en er al lucht aanwezig is.